Hydroxychloroquine

Hydroxychloroquine (HCQ) is een goedkoop en patentloos medicijn dat al sinds 1955 zonder hoge prevalentie van ernstige bijwerkingen, wordt gebruikt tegen onder andere malaria en lupus. Uit oude studies bleek dat hydroxychloroquine effectief was in het stoppen van de groei van het SARS-CoV-1-virus (uit 2003) in celculturen op het lab. Het was dus een logische volgende stap om dat bij COVID-19-patiënten uit te proberen. 

Het middel kreeg pas echt naamsbekendheid toen de gerespecteerde Franse professor Didier Raoult rond half maart een studie uitbracht. Hij was zelf erg te spreken over de resultaten die hij zag bij zijn patiënten wanneer hij de combinatie van hydroxychloroquine (HCQ) en azitromycine (AZT) in een vroeg stadium van de ziekte aan de patiënt toediende, maar zijn studie was erg slordig uitgevoerd. Ondanks dat was er genoeg reden om het medicijn verder te onderzoeken. Nadat Trump het bericht van Raoult had gezien, zei hij dat het middel wel eens een ‘game changer’ kon zijn, en begon het vervolgens zelf te gebruiken als profylaxe.

Een paar weken later kwam dr. Vladimir Zelenko om de hoek kijken. Hij gebruikte hetzelfde protocol als Raoult, alleen had hij er nog zink aan toegevoegd en zag nog betere resultaten. Van de op dat moment 700 patiënten die hij had behandeld (niet allemaal COVID-19-positief getest), waren er 6 in het ziekenhuis opgenomen en was er maar 1 overleden. De Nederlandse huisarts Rob Elens zag het nieuws van Zelenko, probeerde deze behandeling uit bij zijn patiënten, en zag ook goede resultaten:

Twee dagen nadat hij zijn goede resultaten met de media had gedeeld, moest hij tot zijn stomme verbazing van de inspectie stoppen met het toepassen van deze behandeling op zijn coronapatiënten. Hij kreeg van de inspectie te horen dat het verboden was, omdat het geen officieel protocol was en dat het, zonder dat ze daar bewijs voor leverden, ernstige hartritmestoornissen kon veroorzaken.

Het is in Nederland helemaal niet verboden om middelen offlabel voor te schrijven. Citaat:  “In ons land bestaat er in principe prescriptievrijheid. Hiermee wordt bedoeld dat de voorschrijver vrij is om op grond van zijn deskundigheid en professionele verantwoordelijkheid een geneesmiddel aan de patiënt voor te schrijven.” En “Als de voorschrijver toch een geneesmiddel offlabel voor wil schrijven, dient deze de volle verantwoordelijkheid te nemen voor de keuze. Deze verantwoordelijkheid komt naar voren in een nadrukkelijke verplichting tot het geven van informatie en het verkrijgen van toestemming (‘informed consent’) van de patiënt en een betere motivering en vastlegging van de keuze voor de farmacotherapie. Wanneer (ernstige) bijwerkingen optreden als een geneesmiddel buiten de geregistreerde indicatie wordt voorgeschreven, ligt de verantwoordelijkheid hiervoor primair bij de arts.“ Rob Elens was boos over het besluit en overtuigd van wat hij zag, dus startte hij een petitie en besloot er alles aan te doen om ervoor te zorgen dat HCQ (+ AZT + zink) zou worden vrijgegeven in de eerst lijn.

Het is belangrijk dat deze medicijnen (HCQ + AZT + zink) in combinatie worden gebruikt, omdat ze in theorie synergetisch werken.

HCQ zorgt er onder andere voor dat zink makkelijker de cel binnen kan komen. Zink kan er volgens voor zorgen dat het virus zich niet meer kan vermenigvuldigen. Daarnaast heeft HCQ nog een aantal anti-virale eigenschappen. AZT zorgt ervoor dat secundaire infecties niet plaats kunnen vinden en het heeft ook nog een anti-virale werking.

In dit stuk wil ik het vooral hebben over HCQ als profylaxe en het toedoenien van HCQ + AZT (+zink) in een vroeg stadium van de ziekte (eerstelijn), omdat deze behandelingen het meeste effect vertonen.

Op verschillende plaatsen startten er onderzoeken op. Begin april kwam er bijvoorbeeld een kleinschalige randomised controlled trial (RCT) uit China die positieve effecten liet zien bij positief geteste patiënten milde tot matige klachten die HCQ  kregen toegediend, zonder dat er ernstige bijwerkingen optraden. Patiënten werden sneller beter en vorderden minder vaak tot ernstige klachten. In de met HCQ behandelde groep waren er voordat de behandeling begon significant meer mensen met last van koorts en hoesten.

Al snel (23 april) kwamen er berichten naar buiten van het European Medicis Agency (EMA) en het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) dat de middelen chloroquine (CQ) en hydroxychloroquine (HCQ) wel eens (levens)gevaarlijke bijwerkingen konden verzoorzaken in COVID-19 patiënten, vooral in combinatie met AZT. HCQ en AZT zijn namelijk beide medicijnen die bijwerkingen kunnen veroorzaken aan het hart. Doordat dit vervolgens ook besproken werd in de media, kreeg het middel al snel een slechte naam.

Op 5 mei kwam de 2e studie van Raoult uit, waarbij hij zijn protocol (HCQ + AZT) in een vroeg stadium toepaste op ruim 1.000 COVID-19-positief geteste patiënten. Hij zag in totaal bij 2,3% van de mensen bijwerkingen, waarvan allemaal mild (gastro-intestinale klachten, huiduitslag, hoofdpijn, slapeloosheid en wazig zicht). Dus geen hartritmestoornissen of andere ernstige bijwerkingen. Uiteindelijk zag Raoult een sterfte van 0,9%.
Iemand die een (Nederlandse) huisarts kent met vergelijkbare resultaten?

Na Raoult’s studie waren er nog 2 studies die HCQ + AZT in een vroeg stadium onderzochtetn.  Bij de ene studie (15 april), waar in totaal 636 patiënten aan mee deden die symptomatisch waren en verdacht werden van COVID-19, zag men een zeer significante 65% reductie in ziekenhuisopnames tussen de behandelde en niet behandelde groep. In de HCQ + AZT groep zag men geen ernstige bijwerkingen. De behandelde groep had significant meer griepachtige symptomen voordat het aan de behandeling begon.

Wanneer de onderzoekers de groep opdeelden in voor- en na de 7e dag van symptomen behandeld, zagen ze dat, wanneer de patiënten voor de 7e dag behandeld werden een zeer significante 78% reductie- en na de 7e dag een zeer significante 41% reductie in het aantal ziekenhuisopnames.

Dus op basis van deze studie kunnen we stellen; hoe vroeger patiënten met COVID-19-achtige klachten behandeld worden met HCQ +AZT, hoe beter.

De andere studie (journalajmah link) (31 mei), waar in totaal 88 gedeeltelijk positief geteste eerstelijnspatiënten met milde tot matige klachten aan mee deden, liet zien dat HCQ + AZT voor een zeer significante 64% reductie in het aantal dagen dat een patiënt symptomen had in vergelijking met de controlegroep: De gemiddelde ziekteduur van de behandelde groep was 9,2 dagen en die van de controlegroep 25,8 dagen.

De behandelde groep had significant meer last van koorts, rillingen, kortademigheid en verlies van reuk. Tevens had het een hogere gemiddelde lichaamstemperatuur dan de controlegroep. De behandelde groep was voordat de behandeling begon dus zieker dan de controlegroep, de rest van de eigenschappen in de groepen waren gelijkwaardig. Op basis hiervan zouden we mogen verwachten dat de uitkomst van de behandelde groep slechter zou moeten zijn wanneer de behandeling niet effectief zou zijn. Niets bleek minder waar.
Opnieuw kwamen geen hartritmestoornissen of andere ernstige bijwerkingen voor in de met HCQ + AZT behandelde groep.

Dus in de drie studies bij elkaar zijn ongeveer 1.500 patiënten (grotendeels COVID-19-positief getest) behandeld met HCQ +AZT, en er trad geen enkele keer een ernstige bijwerking of gevreesde hartritmestoornis op. Ook al zal één iemand ernstige bijwerkingen ervaren, dan weegt het middel nog steeds op tegen de kwaal wanneer we de resultaten zo zien. De combinatie van HCQ +AZT lijkt op basis van deze studies toch niet zo gevaarlijk te zijn als het CBG en het EMA stellen, en daarbij lijkt het nog ook (erg) effectief te zijn.

Deze studie van vooraanstaand wetenschapper Harvey Risch, vat de laatste 3 studies goed samen, waarin het onder andere stelt dat, ook al zijn het geen perfecte studies (geen RCTs), de verschillen in resultaten van de behandelde en niet behandelde groep niet anders te verklaren vallen dan door de effectiviteit van het medicijn. Hij concludeert:

2 mei kwam er een grote studie uit: Op basis van gegevens van 96.000 patiënten in meer dan zeshonderd ziekenhuizen op zes continenten, stelden de auteurs dat COVID-19-patiënten die hydroxychloroquine kregen bijna de helft meer kans hadden om te overlijden dan patiënten dat het middel niet kregen. Na een storm van kritiek van wetenschappers uit de hele wereld, onder andere omdat de data te mooi waren om waar te zijn, werd het artikel door het merendeel van de auteurs ingetrokken. Ze bleken de data die geanalyseerd waren door het bedrijfje Surgisphere zelf niet te kennen. De onderzoekers waren ook niet in staat om de beschikking te krijgen over de ruwe data om die zelf te verifiëren. Je zal verwachten dat het om een groot bedrijf gaat, aangezien het beschikt over zoveel gevoelige informatie. Het omgekeerde bleek waar. Het bedrijf bleek te bestaan uit 6 personen; meerdere hadden weinig tot geen wetenschappelijke achtergrond, één iemand was een fictieschrijver, en nog iemand anders was een 18+ model.
Op grond van deze frauduleuze studie staakte de WHO een internationaal onderzoek naar het effect van hydroxychloroquine, net als de Franse, Engelse en Australische overheden. Een aantal van deze studies werden later weer hervat. De studie was daarna snel teruggetrokken.
Waarom is deze frauduleuze studie, die hydroxychloroquine in een kwaad daglicht zet, gemaakt? En hoe is het mogelijk dat deze studie in het vooraanstaande tijdschrift the Lancet is gepubliceerd?

Eind maart begon de RECOVERY trial, waarvan op 22 juni de eerste voorlopige resultaten uitkwamen. Het was het eerste grootschalige, dubbel blinde, gerandomiseerde onderzoek naar het effect van  hydroxychloroquine op grotendeels COVID-19-positief geteste ziekenhuispatiënten. In een tijdsbestek van 24 uur kregen de patiënten al 2400 mg(!) toegediend. (Ter vegelijking: In de protocollen van Zelenko en Raoult werd in totaal 2400 mg HCQ in een tijdsbestek van vijf dagen aan de patiënt toegediend.) Uiteindelijk kreeg de patiënt 9200 mg in 10 dagen tijd toegediend en ontving daarnaast standaard zorg. De uiteindelijke conclusie was dat HCQ zorgde voor een lichte stijging  in het aantal doden en aansluiting op ventilatie in vergelijking met de controlegroep die alleen standaard zorg kreeg.

Tussen de controlegroep en de HCQ groep zat echter geen verschil in prevalentie van (ernstige) bijwerkingen; die door het EMA en het CBG eerder aangekaart waren. Zelfs niet bij zo’n hoge dosering!

Ondanks de wisselende resultaten, waarbij vooral duidelijk werd dat hoge dosering HCQ in ziekenhuispatiënten niet of weinig effectief is en niet voor ernstige en meer bijwerkingen zorgt, dat HCQ + AZT, wanneer het in een vroeg stadium word toegediend, (zeer) effectief is en niet voor ernstige bijwerkingen zorgt in COVID-19-positief geteste/verdachte patiënten, en waarvoor geldt; hoe eerder hoe beter, was de berichtgeving in de media erg eenzijdig. Er kwamen vooral berichten voorbij dat HCQ niet effectief was en wel eens levensgevaarlijk kon zijn (1,2). Van Raoult werd een karikatuurschets gemaakt in plaats van in te gaan op de resultaten van zijn tweede studie. De laatste twee genoemde studies waarbij HCQ + AZT werd gebruikt, die goede resultaten en geen ernstige bijwerkingen lieten zien, werden niet genoemd in de media, ook al is dit zeer goed nieuws.

Pas op, dit stuk kan misschien iets te technisch worden, maar ik wil de volgende studie graag behandelen, omdat dit tot nu toe de enige studie is van het Zelenko-protocol in de eerste lijn:

Zelenko heeft tot nu toe naar eigen zeggen ongeveer 2200 mensen in de eerste lijn behandeld waarvan er 2 zijn overleden. 800 hiervan heeft hij na een risicobepaling (was hij/zij kortademig en/of had hij/zij comorbiditeiten en/of was hij/zij boven de 60), behandeld met zijn protocol (HCQ+AZT+zink). De overige 1400 gaf hij andere behandelingen:

Omdat niemand zijn protocol onderzocht in de eerste lijn, deed hij het zelf. Na het uitbrengen van de studie stuitte hij op flinke weerstand, die hij niet begreep, omdat de resultaten erg goed waren.

In zijn studie deed hij onderzoek naar de 372 mensen die op dat moment COVID-positief waren bevonden (grotendeels via PCR-test en deels via IgG-test). Van de 372 patiënten, werden uiteindelijk 141 mensen na risicobepaling behandeld met zijn protocol. Uiteindelijk werden 4 personen opgenomen in het ziekenhuis en 1 persoon overleed; een kankerpatiënt die 1 dag van het protocol had gevolgd voordat hij in het ziekenhuis werd opgenomen. Bij de 141, met zijn protocol behandelde COVID-19-positief geteste patiënten, zag hij een niet significante 80% reductie in mortaliteit,

en een zeer significante 84% reductie in ziekenhuisopnames, in vergelijking met de controlegroep (COVID-19-positief geteste patiënten uit dezelfde gemeenschap).

Hieronder een goede uitleg van deze studie:

https://youtu.be/bGvtgGSdeCQ

De reden dat Zelenko geen controlegroep uit eigen praktijk had, is omdat doktoren volgens de eed van Hippocrates verplicht zijn om te doen wat het beste is voor de patiënt. Het niet ethisch om mensen niet te behandelen met een bepaald protocol/medicijn als je weet/ziet dat iets werkt.

Naast de grote reductie in ziekenhuisopnames en doden, zag hij, naast louter milde klachten, geen hartklachten (de klachten waar men vooral bang voor was).
De enige zwakte van deze studie; er is niets bekend over deze controlegroep. Het kan zo zijn dat het alleen maar 80+-ers betrof met onderliggende aandoeningen, maar dit is niet aannemelijk, en ik zal hieronder proberen te verduidelijken waarom.
Als uiteindelijk wordt gekeken naar de veiligheid, dan is de controlegroep in dit geval overbodig als je wilt weten of er zich levensbedreigende bijwerkingen voordoen; want milde bijwerkingen, blijven milde bijwerkingen. Al is de groep wat klein voor het detecteren van zeldzame bijwerkingen. 

Verduidelijking: In een andere studie waarin eerstelijns patiënten werden behandeld met HCQ, was er wel informatie aanwezig over de controlegroep die niet behandeld werd met HCQ. De controlegroep, bestaande uit 1177 positief geteste patiënten, had een gemiddelde leeftijd van 54 jaar, 50,5% was man en 55% had één of meerdere onderliggende aandoeningen. Uiteindelijk werden er 350 (29,7%) in het ziekenhuis opgenomen en overleden er 47 (4%).

De 141 mensen uit de met HCQ+AZT+zink behandelde groep van de Zelenko-studie had de volgende eigenschappen: gemiddelde leeftijd 58 jaar, 70% was man en 70% had één of meerdere onderliggende aandoeningen. Deze groep is dus gemiddeld iets ouder, bevat meer mannen en heeft meer onderliggende aandoeningen dan de controlegroep van de andere studie. Op basis hiervan zou je mogen verwachten dat, wanneer deze groepen dezelfde behandeling zouden krijgen, dit zou leiden tot meer ziekenhuisopnames en doden in de groep van Zelenko, in vergelijking met de controlegroep van de andere studie.
Uiteindelijk zijn van de 141 patiënten er 4 in het ziekenhuis opgenomen (2,8%) en is er 1 overleden (0,7%).* In vergelijking met de controlegroep van de andere studie is dit toch een flinke reductie in het aantal ziekenhuisopnames (90%) en doden (82%). 

Ik weet dat het niet helemaal juist is om de berekening te maken met het sterftepercentage van 0,7%, omdat, wanneer er één meer was overleden tijdens de studie, het sterftepercentage al zou zijn verdubbeld naar 1,4%. Maar als we weten dat Zelenko ongeveer 800 mensen heeft behandeld met zijn protocol, en we weten dat er daarvan 2 zijn overleden: Dus 2 van de ±800 (=0,25%); dan ben ik denk ik redelijk gerechtvaardigd om de 0,7% als sterftepercentage te gebruiken, omdat dit waarschijnlijk zelfs wat aan de hoge kant is. 
Het sterftepercentage van de controlegroep uit de andere studie is 4%. Dit is qua sterftepercentage vergelijkbaar met de controlegroep uit de Zelenko-studie: 3,5%. Het is hierdoor aannemelijk dat de controlegroep in Zelenko’s studie dus ongeveer gelijkwaardig is aan die van de met HCQ + AZT + zink behandelde groep uit de andere studie.

Dit alles bij elkaar maakt de 80% reductie in doden en de 84% reductie in ziekenhuisopnames van zijn originele studie alleen maar aannemelijker.

Als we vervolgens ook kijken naar het aan meldingen van COVID-19 klachten bij huisartsen in Nederland (van het Nivel) en naar het aantal doden van die week erop (zolang duurt het gemiddeld ongeveer tussen het naar de huisarts gaan met COVID-klachten en het overlijden). In week 38 was het aantal meldingen 24,2 per 100.000 inwoners. Dit is een totaal van 4182 in die week. Kijken we naar het aantal doden de week erop (week 39 pag. 3): 102 doden. 102/4182= 2,43%. Dus het Zelenko-protocol zorgt alsnog voor een 70% reductie in het aantal doden in vergelijkingen hiermee. Daarbij moet je ook rekening houden dat de groep die het Zelenko-protocol kregen toegediend alleen bestaat uit COVID-positief geteste mensen: boven de 60 en/of onder de 60 met kortademigheid en/of onderliggende aandoeningen, en dat de meldingen bij de huisarts deze restricties niet hebben. 

Ik weet dat de dingen die ik hierboven heb gedaan geen exacte wetenschap is, maar het geeft wel een goede indicatie van de effectiviteit van het Zelenko-protocol. Op basis van deze studie is het zeer aannemelijk dat het Zelenko-protocol een (zeer) effectieve behandeling is die geen ernstige bijwerkingen lijkt te veroorzaken.

In plaats van dat na deze studie de krantenkoppen waren: “Triple-therpie met hydroxychloroquine lijkt toch veilig en zeer effectief.” volgde er onder ander een nieuwsbericht van het AD over de aftocht van hydroxychloroquine.

In het eerder getoonde interview van dr. Mobeen Syed (DrBeen) met Zelenko ging het onder andere over hoe hij te werk ging/gaat, wat zijn resultaten zijn en andere vormen van medicatie voor COVID-19. In het interview vertelt Zelenko dat hij aan een groep bestaande uit 3.000 cardiologen had gevraagd of ze ooit hartritmestoornissen hadden gezien wanneer ze HCQ + AZT in een vroeg stadium aan een patiënt gaven. Ieder antwoord dat hij ontving was; nee. Ze hadden dit wel ooit gezien wanneer patiënten in het ziekenhuis lagen (en er dus slechter aan toe waren).
DrBeen zegt in zijn praktijk ook goede resultaten te zien met onder andere HCQ (in combinatie). Welk medicijn hij ook gebruikt; in een vroeg stadium agressief behandelen geeft de beste resultaten. De mensen die langdurige klachten houden, zijn meestal de mensen die later startten met een behandeling. Vandaar dat het zo belangrijk is dat wij in Nederland ook de eerste lijn gaan benutten.
In het interview bespreken ze ook nog de mogelijkheid van HCQ als profylaxe. Een profylaxe is een middel dat je inneemt om een ziekte te voorkomen. Dus is geval van COVID-19 is het een middel dat je inneemt voordat je in aanraking komt met het SARS-CoV-2-virus (pre-exposure-profylaxe(PrEP)) of net nadat je in aanraking bent gekomen met het virus maar nog geen symptomen hebt (post-exposure-profylaxe(PEP)). Een profylaxe kan fungeren als een soort tijdelijk vaccin. Het kan er namelijk voor zorgen dat mensen niet ziek worden en als ze ziek worden, minder klachten hebben; net zoals bij een vaccin. 

In begin juni kwam er een studie uit die HCQ als PrEP testte op ongeveer 375 ziekenhuismedewerkers. Het nemen van de 4 of meer onderhoudsdosissen van HCQ zorgde voor een 57% reductie in het aantal besmettingen in vergelijking met de ongeveer 375 medewerkers die het niet namen. Wanneer de ziekenhuismedewerkers 6 of meer onderhoudsdosissen hadden gehad, was dit zelfs 79%.

Er was een zeer significante correlatie tussen inname van HCQ en het voorkomen van besmetting. De bijwerkingen met de controlegroep waren gelijkwaardig. De met HCQ behandelde groep bestond uit significant meer mannen.

Deze recente studie bevestigt dit nogmaals: HCQ als PrEP is effectief (een zeer significante 80% reductie in het aantal besmettingen in ziekenhuismedewerkers) en veroorzaakt louter milde bijwerkingen.

Het is belangrijk om te vermelden dat bij beide studies relatief lage doseringen werden gebruikt. 

In India wordt het al gebruikt en toegestaan onder personen die een hoog risico hebben om COVID-19 op te lopen, zoals ziekenhuismedewerkers.

Waarom wordt dit niet per direct gebruikt door ziekenhuismedewerkers in Nederland, aangezien het geen ernstige bijwerkingen veroorzaakt en het effectief lijkt te zijn, en zij het meeste risico lopen op besmetting? En daarbij is het zorgpersoneel momenteel goed te gebruiken.
Opnieuw is hier niets over te vinden in de media.

Veel artikelen die in de media voorkomen  zijn feitelijk juist, zoals deze, maar houden informatie achter. Er wordt nagenoeg alleen maar gesproken over de behandeling met HCQ (al dan niet in combinatie) van ziekenhuispatiënten (waar het niet/weinig effectief is) en bijna nooit over vroege behandeling en/of profylaxe (waar het middel juist het meest effectief is).
De studie waar het nu.nl artikel naar verwijst laat zien dat een relatief hoge dosis HCQ als PEP een positief effect heeft op de uitkomst; een 17% reductie in het aantal besmettingen:

Maar deze uitkomst is niet statistisch significant, waardoor mag worden gesteld dat het niet effectief is; wat dan vervolgens ook gebeurd.
De data van deze studie is later door een andere groep wetenschappers geanalyseerd, waarbij ze de groep opdeelden in oud (>50 jaar) en jong (<50 jaar) (de initiële studie had de groep in 3 leeftijdscategorieën opgedeeld). Door het op te delen in oud en jong kwamen ze erachter dat jongeren wel significant meer baat bij hadden om het middel als PEP te nemen. Een niet significante 29% reductie in ziek worden in vergelijking met de controlegroep, en dit werd een significante 37% wanneer de personen meer risico liepen op besmetting.

Deze studie kwam vervolgens niet naar voren in de media, terwijl het wel een significant resultaat liet zien.
Waarom komt de media hier niet op terug/rectificeren ze hun berichten niet?

Zelenko was niet de enige dokter die succes had met zijn protocol. Begin april kwam dr. Cardillo naar voren in de Amerikaanse media, omdat hij met HCQ + zink goede resultaten zag in zijn patiënten. Hij zag ernstig zieke patiënten die binnen 8 tot 12 uur bijna geen symptomen meer hadden. Er volgde een radiostilte uit de Nederlandse media.  

Ook dr. Stephen Smith kwam begin April naar voren en zei dat hij met het protocol van Raoult (HCQ + AZT) zeer goede resultaten zag en dat hij serieus dacht dat dit wel eens het begin van het einde van de pandemie kon zijn. Er volgde opnieuw een radiostilte uit de Nederlandse media.

Eind juli kwam er in Amerika een groep doktoren (America’s Frontline Doctors) naar voren die het Zelenko-protocol aanprezen, omdat zij in de praktijk ook zagen dat het werkte. Één van hen deed hier verhaal over: dr Stella Immanuel. Ze had op dat moment meer dan 350 patiënten, al dan niet COVID-positief geteset en van allerlei leeftijden en met allerlei onderliggende kwalen, behandeld met het Zelenko-protocol: Ze waren allemaal genezen, zonder ernstige bijwerkingen te ervaren. Ook vertelde ze dat het middel in lage dosis als profylaxe effect kan hebben. Het filmpje werd op dezelfde dag dat het uitkwam weer verwijderd van YouTube, Twitter en Facebook. Één van de doktoren zei zelfs dat hij $200.000* zal geven aan degene die bewijst dat het niet werkt. (*vanaf 45:00). Tot nu toe heeft er nog niemand gehapt.

In plaats van dat de Nederlandse media aandacht schonk aan de resultaten die Stella Immanuel behaalde, vielen ze haar persoonlijk aan en ondermijnden zo haar betrouwbaarheid. Half oktober kwamen de doktoren opnieuw naar voren met een bericht.

Half september kwam Dr. Brian Tyson naar voren en bevestigde nogmaals de effectiviteit van Zelenko-protocol: 1.700 eerstelijns COVID-19-postief geteste patiënten; 1 ziekenhuisopname, 0 doden, louter milde bijwerkingen, geen bijwerkingen aan het hart. Hij schatte in dat 75 tot 80% van de doden bespaard hadden kunnen worden met dit middel. Wederom radiostilte uit de Nederlandse media. Hier een interview met hem:

Waarom zouden al deze doktoren hun eigen naam, baan en andermans leven op het spel zetten door naar buiten te treden met een behandeling, als ze er niet 100% zeker van zijn dat die werkt?

Als het echt zo’n niet effectief en gevaarlijk middel is met dodelijke bijwerkingen, zoals de Nederlandse media en gezondheidsinstanties dit schets(t)en, waarom zien we dit dan niet terug in geen een van de bovengenoemde studies en horen we dit niet van dokteren die het in de praktijk gebruiken? Op welke studies werden deze gevaren gebaseerd? Ze baseerden dit op de volgende studies (deze studies waren gebruikt in de initiële berichtgeving van het EMA en het CBG, dat HCQ wel een gevaarlijk zou kunnen zijn):
De eerste studie ziet bijwerkingen bij het gebruik van hoge dosis (12g in 10 dagen) Chloroquine (CQ), dus niet Hydroxychloroquine (HCQ). Dus ten eerste is het medicijnen niet 100% vergelijkbaar, en wanneer we vervolgens kijken naar de dosissen die Zelenko en Raoult gebruiken (2,4g in 5 dagen), is dit nogal een verschil met de 12g in de studie.
De andere studie kijkt naar patiënten met reumatoïde artritis die HCQ krijgen met of zonder AZT. Hierbij waren de dosissen niet bekend en zijn de mensen die het medicijnen kregen toegediend niet gelijkwaardig aan de gemiddelde COVID-19-patiënt; dus kunnen we ons afvragen of de uitkomst toepasbaar is op COVID-19-patiënten. De uitkomst was dat kortdurend HCQ gebruik veilig was, maar in combinatie met AZT voor significant meer bijwerkingen aan het hart zorgde. 

Ik snap de voorzichtigheid en dat ze de veiligheid van HCQ ergens op moeten baseren, maar als deze grote medische instanties blijven vasthouden aan deze niet representatieve studies en bewijs uit de praktijk en andere studies over veiligheid compleet negeren, zijn ze letterlijk met levens aan het spelen en voeren ze niet goed hun werk uit.

Deze site houdt alle studies bij op het gebied van HCQ. Tot nu toe hebben 100% van de studies waarbij patiënten vroeg werden behandeld met HCQ (al dan niet in combinatie) een positieve uitslag (al dan niet significant), met een gemiddelde verbetering van 64%.

Ook de studies op het gebied van veiligheid waarbij HCQ (+ AZT) in relatief lage dosissen en in een vroeg stadium werden toegediend, kwamen tot de conclusie dat het niet leidde tot gevaarlijke bijwerkingen (aan het hart).
Tevens lijken de landen die HCQ gebruiken het over het algemeen beter te doen dan de landen die het niet gebruiken: een 72,3% reductie in het aantal doden (dit cijfer is gebaseerd op aangepaste sterftecijfers en is geen exacte wetenschap, maar geeft waarschijnlijk wel een indicatie).
In de 2e lijn lijkt HCQ minder/niet effectief.
Verschillende doktoren uit onder andere TurkijeCuba en India beamen dit. Ze zeggen en zien dat HCQ (al dan niet in combinatie) werkt, mits vroeg ingezet. 

Na al dit overdonderende bewijs, zowel op papier als in de praktijk, dat de middelen (HCQ + AZT (+zink)) niet erger zijn dan de kwaal bij eerstelijns patiënten, kwam het Nederlands huisartsen genootschap (NHG) in augustus op miraculeuze wijze toch tot de conclusie dat de effectiviteit van HCQ + AZT (+ zink) niet bewezen is en dat het wel eens ernstige bijwerkingen kan veroorzaken. Dit concludeerden ze in hun: “NHG-advies Hydroxychloroquine bij COVID-19 in de eerste lijn

Klap het stuk hieronder uit wanneer je een uitgebreidere uitleg wilt lezen waarom het NGH tot een onjuiste conclusie is gekomen. De studies die ze gebruiken heb ik hierboven al eens besproken. De eerder genoemde studie van vooraanstaand wetenschapper Harvey Risch heeft van onder andere de studies die het NGH gebruikt, een eigen studie gemaakt, waarin hij in meer detail uitlegt waarom er uit deze studies wel een conclusie valt te trekken over de effectiviteit van HCQ + AZT.

Uitgebreidere uitleg

De eerste studie die ze gebruiken om de effectiviteit van HCQ +AZT te bepalen, is de studie met de 636 patiënten uit Brazilië die voor een zeer significante 65% reductie in ziekenhuisopnames zorgde, die ik hierboven al een keer heb besproken. Ze stellen om verschillende redenen dat de studie een groot risico heeft op bias (tussen haakjes staat mijn reactie hierop):

Deze studie heeft een groot risico op bias door diverse factoren. De studie is vroegtijdig gestopt, de sponsor had geen interesse meer (dit heeft geen invloed op de uitkomst van de (behandelde) patiënten en doet dus ook niets af aan de betrouwbaarheid van de data die geanalyseerd is), de gerapporteerde uitkomsten zijn onvolledig in vergelijking met het studieprotocol (een deel van de originele uitkomsten die ze wilden onderzoeken hebben ze inderdaad niet meer onderzocht, maar dit doet niets af aan hetgeen wat ze wel hebben onderzocht) en in de analyses voor ziekenhuisopname is niet gecorrigeerd voor de baseline confounders, zoals dat de behandelde groep meer symptomen had  (als dit wel was gedaan had dit in het voordeel uitgepakt van de met HCQ + AZT behandelde groep, omdat zij er slechter aan toe waren voordat ze aan de behandeling begonnen dan de controlegroep. Het had nog meer effectiviteit laten zien dan het nu al doet). Daarnaast werden ook patiënten geïncludeerd die verdacht waren op basis van symptomen zonder getest te zijn op COVID-19. Hierdoor is het onduidelijk of alle geïncludeerde patiënten wel COVID-19 positief waren (het merendeel van de met HCQ +AZT behandelde patiënten werd door een CT-scan positief bevonden, wat voor 86% accuraat is in het diagnosticeren van COVID-19 wanneer er een hoge achtergrondprevalentie is (wat in deze studie het geval was)).

Het is dan geen perfecte studie, maar al deze redenen bij elkaar zijn niet voldoende om het grote verschil in uitkomst tussen de behandelde- en de controlegroep te verklaren. De studie zelf concludeert dat HCQ +AZT een effectieve behandeling is in het voorkomen van ziekenhuisopnames voor mensen waarvan vermoed wordt dat ze COVID-19 hebben. Waarom trekt het NHG niet dezelfde conclusie?

Uiteindelijk zullen alle huisartsen het ook met een vermoeden moeten doen wanneer ze een medicijn willen voorschrijven aan iemand die (niet) getest is voor COVID-19. De PCR-test niet 100% betrouwbaar (vooral wanneer de prevalentie in de geteste groep laag is), en soms is er simpelweg geen tijd meer om te testen of te wachten op de uitslag van een test, omdat de patiënt al te ver gevorderd is in de ziekte.

De tweede studie die ze gebruikten om de effectiviteit van HCQ + AZT te bepalen, was de studie met de 88 patiënten uit Frankrijk die voor een zeer significante 64% reductie in ziekteduur zorgde, die ik hierboven ook al heb besproken. Wederom wordt er gesteld dat de studie een groot risico heeft op bias (tussenhaakjes mijn reactie op delen hiervan):

Deze studie heeft een groot risico op bias, waaronder selectiebias, doordat geen opeenvolgende patiënten geïncludeerd zijn. Daarnaast is de selectie van de controlegroep onduidelijk. In de analyses is niet gecorrigeerd voor confounders (als dit wel was gedaan, had dit in het voordeel uitgepakt van de met HCQ +AZT behandelde groep, omdat deze er ‘slechter’ aan toe was qua leeftijd, comorbiditeiten en symptomen). Het is een relatief klein cohort patiënten, waardoor er sprake is van onnauwkeurigheid. Er is wel een case-control analyse gedaan, maar alleen voor leeftijd, geslacht en BMI; waardes die niet-significant verschilden in de karakteristieken. Ook hier werden tevens patiënten geïncludeerd die verdacht waren op basis van symptomen zonder getest te zijn op COVID-19, waardoor het onduidelijk is of deze patiënten wel COVID-19 positief waren. (59% van de controlegroep was positief bevonden met de PCR-test tegenover 70% van de HCQ +AZT-groep)”

Al deze redenen zullen voor kleine verschillen in de effectiviteit kunnen zorgen, maar kunnen niet verklaren waarom het verschil tussen de behandelde groep en de controlegroep zo groot zijn. Ook concludeert de studie zelf dat HCQ +AZT een veilige en effectieve behandeling is voor behandeling van eerstelijns-COVID-19-patiënten.

Voor de effectiviteit van HCQ + AZT + zink, pakten ze de studie van Zelenko erbij. Bij deze studie is niets bekend over de controlegroep, dus stelden ze dat er niets te zeggen was over de effectiviteit. Waarom haalden ze geen gelijkwaardige controlegroep of informatie uit een andere bron om de behandelde groep mee te vergelijken, zoals ik dat bij de studie van Zelenko heb gedaan? Dit deden ze namelijk wel om het advies voor de bijwerkingen te bepalen, maar dan met niet gelijkwaardige/vergelijkbare groepen:

Voor de bijwerkingen van HCQ + AZT  (+ zink) erkenden ze dat in de studies die ze gebruikten, waarin totaal ongeveer 1.500 mensen behandeld werden met HCQ +AZT (waarvan het merendeel positief getest was voor COVID-19), er geen ernstige bijwerkingen optraden. Ook de 141 patiënten in de Zelenko studie ervoeren louter milde bijwerkingen.

Vervolgens zochten ze naar bijwerkingen van HCQ in een studie van het Lareb. Daarin werden bijwerkingen genoemd die mensen de afgelopen 32 jaar bij het Lareb hadden gemeld betreffende HCQ. Dit betrof vooral mensen met reuma en lupus. Dus deze groep is al niet representatief voor de gemiddelde COVID-19-patiënt. Daarbij vond 80% van de in totaal 364 ernstige bijwerkingen pas plaats na langer dan een week gebruik van HCQ en vonden de cardiale bijwerkingen vooral plaats na langdurig gebruik (meer dan 1 jaar). Het is belangrijk om te weten of de bijwerkingen op lange (meer dan een week) of op korte termijn (minder dan een week) plaatsvonden, want de protocollen met HCQ voor COVID-19 duren meestal een dag of 5.
Ongeveer 75 mensen ervoeren ernstige bijwerkingen binnen een week. Ongeveer 7% van de totale ernstige bijwerkingen waren cardiale bijwerkingen. Als we dit toepassen op deze 75 mensen, zijn dit ongeveer 5 mensen. Dit is waarschijnlijk nog hoog omdat de meeste cardiale bijwerkingen plaatsvonden na langdurig gebruik.

Dus in 32 jaar tijd hebben ongeveer 5 mensen binnen een week nadat ze waren begonnen met gebruiken van HCQ een melding gedaan van ernstige bijwerkingen aan het hart. Dit is dus een deel van de reden waarom HCQ +AZT (+zink) niet voorgeschreven wordt in de eerste lijn.

Vervolgens wordt er een ziekenhuisstudie bijgehaald, maar deze patiënten zijn, zoals ik al eerder heb genoemd, en wat het NHG ook beaamt, niet vergelijkbaar met patiënten buiten het ziekenhuis; dus ook de bijwerkingen die daar te zien zijn, zijn niet één op één toepasbaar op eerstelijns patiënten.

Daarna noemt het nog een studie die aangeeft dat HCQ buiten het ziekenhuis gebruikt zal kunnen worden, mits hij/zij geen geschiedenis heeft van significante hartproblemen. Over de toevoeging van AZT buiten het ziekenhuis wordt verder niet op ingegaan.

Waarom gebruikten ze niet representatieve studies voor het bepalen van de bijwerkingen? Waarom vroegen ze geen data over veiligheid op aan doktoren die deze protocollen in de eerste lijn gebruiken? Waarom trekken ze andere conclusies dan de studies die ze gebruiken?

Vervolgens wordt de conclusie getrokken dat HCQ +AZT (+zink) wel eens gevaarlijke bijwerkingen zal kunnen geven. Dit allemaal op basis van slecht onderbouwde vermoedens, die op papier en in de praktijk niet aan het licht komen.

 
Op basis van de studies die het NHG gebruikte voor zijn advies had ook de volgende conclusie kunnen worden getrokken:

De gebruikte studies voldoen qua kwaliteit niet aan de gouden standaard, maar we zitten in tijden van crisis en zullen het met minder moeten doen. De studies laten zien dat de combinatietherapieën HCQ + AZT en HCQ + AZT + zink hoogstwaarschijnlijk (veel) effect hebben bij eerstelijns COVID-19-patiënten. Omdat er tot nu toe nog geen werkzame behandeling is in de eerste lijn en de bijwerkingen die in de studies en in de praktijk naar voren komen louter mild van aard zijn, bevelen wij deze middelen aan, aan mensen die PCR-positief gestest zijn voor SARS-CoV-2/met COVID-19-achtige klachten, (mits het geen geschiedenis heeft van cardiale problemen).

Het is voor mij werkelijk onbegrijpelijk dat dit middel voor iedereen wordt afgeraden, alleen omdat en selecte groep mensen heel misschien ernstige bijwerkingen zal kunnen ervaren. Waarom wordt het niet aanbevolen voor de mensen die geen aanleg hebben om cardiale bijwerkingen te ontwikkelen?

24 september kwam er een studie uit naar de veiligheid van HCQ alleen, of in combinatie met onder andere AZT, in de eerste lijn. De studie concludeerde dat HCQ (+ AZT) veilig is voor kortdurend gebruik in COVID-19 patiënten.

Waarom heeft het NGH zijn aanbeveling hierna niet aangepast?

Het is op dit moment voor huisartsen in Nederland toegestaan om HCQ (+AZT+zink) off-label voor te schrijven, maar het wordt niet aanbevolen door het NHG. Hierdoor zal dit middel door vele huisartsen niet gebruikt worden en zal het bij hen vooral bekend staan als niet veilig en niet effectief. Als je ermee behandeld zal willen worden, zal je er (waarschijnlijk) zelf mee moeten komen. Mijn eigen huisartsenpraktijk schrijft in ieder geval niet voor tegen COVID-19.

Samenvatting:

HCQ veiligheid:

  • HCQ in lage dosering veroorzaakt geen ernstige bijwerkingen 
  • HCQ in hoge doseringen in ziekenhuispatiënten veroorzaakt niet significant meer bijwerkingen dan patiënten die er niet mee behandeld worden 

HCQ effectiviteit:

  • HCQ als profylaxe (voordat mensen besmet waren) leed bij de juiste dosering tot een 80% reductie in besmettingen bij ziekenhuismedewerkers ten opzichte van de medewerkers die het niet innamen. (Begin juni 1e studie, bevestiging begin oktober)
  • Doktoren die HCQ (al dan niet in combinatie) in een vroeg stadium inzetten bij patiënten, zeggen dat dit  een veilige en effectieve behandeling is.
  • Alle studies die HCQ (al dan niet in combinatie) in een vroeg stadium toedienden hadden een positief resultaat (al dan niet significant).
  • Landen die HCQ (al dan niet in combinatie) gebruiken in een vroeg stadium lijken het over het algemeen beter te doen.
  • Hoge dosering HCQ is niet effectief in ziekenhuispatiënten. (Half mei)

HCQ+AZT(+zink) veiligheid:

  • De studies die tot toe zijn gedaan naar deze combinaties laten louter milde bijwerkingen zien.
  • Een recente studie concludeert  dat HCQ +AZT veilig is in iedere setting.  (Eind september)
  • De doktoren die deze middelen in de eerste lijn gebruiken beamen dit.

HCQ+AZT(+zink) effectiviteit:

  • Verbluffende resultaten van de doktoren die het Zelenko-protocol (HCQ + AZT + zink) gebruiken:
    – Zelenko: 2200 patiënten, 2 overleden
    – Stella Immanuel: 350 patiënten, 0 overleden
    – Brian Tyson: 1700 COVID-19-positief geteste patiënten, 0 overleden.
  • De behandelde groep van de Zelenko-studie laat een 82% reductie in sterfte zien ten opzichte van een andere eerstelijns controlegroep die jonger is qua leeftijd en minder comorbiditeiten heeft (0,7% vs. 4% sterfte). Tevens is er een 90% reductie in ziekenhuisopnames in vergelijking met diezelfde groep (2.8% vs. 29,7%)
  • Het protocol van Raoult (HCQ + AZT) zorgde voor een significante 64% vermindering in ziekteduur: Van 25.8 dagen zonder behandeling, naar 9.2 dagen met behandeling (wanneer het binnen 7 dagen nadat er symptomen begonnen op te komen werd ingezet op grotendeels COVID-19-positief geteste eerstelijns patiënten). (Eind mei)
  • Het protocol van Raoult zorgde voor een significante 65% reductie in ziekenhuisopnames in eerstelijns patiënten die verdacht werden van COVID-19 in vergelijking met patiënten die er niet mee behandeld werden. (Half April)
  • Informatie over de veiligheid en effectiviteit van deze protocollen (Raoult en Zelenko) komt praktisch niet voor in de Nederlandse media, en de mensen die deze protocollen aanprijzen, worden door de media genegeerd, zwart gemaakt of gecensureerd (Rob Elens).
  • Het NHG beveelt (een van) deze protocollen niet aan; wat onbegrijpelijk is, omdat er op dit moment geen werkende behandeling is in de eerste lijn en het bij deze protocollen overduidelijk is dat het middel niet erger is dan de kwaal.
  • Het toevoegen van zink aan HCQ + AZT lijkt ook effect te hebben op positief geteste ziekenhuispatiënten
  • Er liep/loopt momenteel in Nederland geen enkel onderzoek naar de veiligheid en/of effectiviteit van HCQ + AZT (+zink) en HCQ als profylaxe.

Conclusie: 

Er wordt de Nederlandse ziekenhuismedewerkers een behandeling (HCQ pre-exposure-profylaxe) onthouden die voor een 80% reductie in het aantal besmettingen kan zorgen en waarvan de bijwerkingen in de studies, als ze al optraden, louter mild van aard waren en dat in India al wordt toegepast.

Er wordt het Nederlandse volk een behandeling (HCQ + AZT) onthouden waarvan sinds eind mei al bekend was dat, mits zij vroeg wordt ingezet, voor een 64% reductie in het aantal dagen dat de patiënt ziek is- en voor een 65% reductie in het aantal ziekenhuisopnames kan zorgen wanneer het op COVID-19-verdachte patiënten wordt ingezet, en waarvan de bijwerkingen in de studies, als ze al optraden, louter mild van aard waren. 

Er wordt het Nederlandse volk een behandeling (HCQ + AZT + zink) onthouden waarvan sinds eind juni al bekend is dat, mits zij vroeg wordt ingezet, voor een 84 % reductie in het aantal ziekenhuisopnames en voor het 80% reductie in het aantal doden kan zorgen (zo niet meer, als we de resultaten van de doktoren die deze behandeling toepassen en de vergelijking met andere controlegroepen moeten geloven) en waarvan de bijwerkingen in de studies en in de praktijk, als ze al optraden, louter mild van aard waren.

Als we de cijfers zo zien en de verhalen van de doktoren moeten geloven, dan zouden we kunnen concluderen dat deze behandelingen (bij elkaar) ervoor kunnen zorgen dat; (een deel van) de draconische maatregelen opgeheven kunnen worden, onze economie weer op gang gebracht kan worden en een groot deel van de ziekenhuisopnames, doden en schade die de mensen op kunnen lopen, voorkomen kunnen worden.

Er wordt, door onder andere de Nederlandse gezondheidsinstanties, bewust voor gekozen om een pad te bewandelen waarvan het waarschijnlijker is dat het leidt tot meer zieken, meer fysieke en economische schade, meer ziekenhuisopnames, meer druk op de ziekenhuizen en meer doden. Waarbij de gezondheidsinstanties geen logische verklaring kunnen geven waarom deze behandelingen (HCQ + AZT (+ zink)) in de eerste lijn niet worden aanbevolen; aangezien tot nu toe er geen behandeling is in de eerste lijn, de veronderstelde gevaarlijke bijwerkingen in de theorie en in de praktijk niet voorkomen, en de effectiviteit niet te ontkennen valt.

De media heeft HCQ bewust zwart gemaakt en heeft bewust belangrijke informatie over dit middel achtergehouden.

Deel